De Columns op deze pagina verschenen eerder in de rubriek 'Puur Natuur' in De Krant en De Krant actueel.
Uitgelezen bos.

Enige weken geleden wandelden we in onze directe woonomgeving. Meestal nemen we het ‘dennenbosje’ aan het einde van de woonwijk mee. Het ruikt er zo lekker, vooral na een regenbui. Ik kijk gelijk of er nieuwe, door eekhoorns aangevreten dennenappels op de grond liggen. Zo weet ik dat er nog Eekhoorns tussen de takken van de grove dennen leven. Plotseling blokkeert een hekwerk het pad. Op het hek staat: ‘gesloten ivm gevaar van vallende takken’. De uitleg gaat verder. Een aantal bomen zijn aangetast door een kevertje, de Letterzetter. Inderdaad, er staan flink wat dode bomen in het bosje, waarvan al meerdere takken zijn afgebroken. We zijn via een ander bospad richting huis gelopen.

Op werkdagen maak ik regelmatig een rondje met collega’s door het Asserbos. Ook hier vallen me de vele dode bomen op, maar hier zijn (nog) geen afsluitingen. Het zijn vooral fijnsparren zijn die het loodje leggen, waarom? Ik heb me verder in het kevertje verdiept om antwoorden te vinden.

De Letterzetter (typographus) is een 4,0 - 5,5 mm lang, glanzend roodbruin tot zwart kevertje. Ze boren in het voorjaar een gaatje in de boom en graven een gang onder de bast. Vooral bij verzwakte bomen, met name dennen soorten. Aan beide zijden van de gang worden de eitjes, in een soort kraamkamertjes, afgezet. Als de larven uitkomen, vreten ze nieuwe gangen onder de bast. Zo ontstaat een mooi patroon in het hout.  

In een artikel las ik, dat in Duitsland momenteel complete bospercelen afsterven door de letterzetter. Volgens het artikel is de oorzaak de droogte, gecombineerd met de keuze voor het aanplanten van niet inheemse boomsoorten. En dat geldt, volgens een boswachter die ik onlangs sprak, ook voor de Nederlandse bossen. Dat moet ik verder toelichten. 

Bomen die in ons landschap sinds de ijstijd voorkomen, hebben zich genetisch aangepast aan het klimaat en groeiomstandigheden in dit landschap. Denk daarbij aan berk, eik, els en beuk. Dit noemen we inheemse boomsoorten. Enkele decennia terug in de tijd zijn er echter  (bos)percelen aangeplant met ‘niet inheemse’ boomsoorten. Deze bomen werden uit andere landen gehaald. Ook zijn er ‘inheemse soorten’ aangeplant waarvan de zaden uit andere landen zijn gehaald. Deze bomen zijn hebben dus niet de genetische aanpassingen voor dit gebied meegekregen. Omdat de groeiomstandigheden hier anders zijn, zijn deze bomen vaak zwakker dan de bomen die hier van oorsprong voorkomen.

De afgelopen jaren is het in ons land droger geworden. De grondwaterstand ligt nu, volgens de boswachter, op bepaalde plaatsen nog twee meter lager dan vorige jaren. Het heeft flink wat bomen (extra) verzwakt, met name veel niet inheemse soorten. De fijnspar is daarvan een goed voorbeeld. Deze verzwakte bomen worden nu massaal door de letterzetter ‘aangevallen’. Hele bosvakken sterven af. Daarom worden bospercelen tegenwoordig ingeplant met meerdere, liefst inheemse, boomsoorten.  

Een gezonde fijnspar maakt hars aan, een soort wondvocht. Bijvoorbeeld wanneer de boom beschadigd raakt door een letterzetter. Hars werkt als afweermiddel tegen het insect en herstelt het gaatje in de schors. Dat kun je goed zien door dunne witte verticale harslijntjes op de schors van een gezonde boom. Een verzwakte boom maakt geen hars meer aan verliest daarmee zijn afweermechanisme. Deze boom  is verloren. 

Dus als je weet wat je ziet, dan kun je het bos ‘lezen’, dan begrijp je het bos beter. Letterzetters helpen je het bos ‘letterlijk’ te lezen. Maar ja, of we daar blij mee zijn… het kevertje zorgt er gelijk voor dat hele boscomplexen uitgelezen raken en afsterven. 

Andre Brasse, sept 2020

https://dekrantnieuws.nl/uitgelezen-bos/

Terug naar overzicht